De ziekte van Perthes is een probleem van de heupkop. De precieze
oorzaak is niet bekend, waarschijnlijk komt het door een verminderde bloedtoevoer
van de heupkop. De ziekte van Perthes komt voor bij kinderen tussen het 2e en
13e levensjaar, maar er wordt ook wel gezegd tussen het 3e en 11e levensjaar.
In 80% van de gevallen komt het voor tussen het 4e en 9e levensjaar. De ziekte
duurt gemiddeld 2 tot 3 jaar en gaat spontaan weer over, maar kan invaliderende
gevolgen hebben. Meestal betreft het één heup, maar het komt ook
voor dat beide heupen aangetast zijn. Het komt vaker voor bij jongens dan bij
meisjes (verhouding 4:1) en vaker bij kinderen met een laag geboortegewicht
en een groeiachterstand.
Naarmate de ziekte erger wordt, kan er misvorming optreden
en kan de heupkop inzakken. Ernstige misvorming van de heupkop kan later weer
slijtage opleveren, wat leidt tot aanhoudende pijn en problemen met lopen als
gevolg van stijfheid van het gewricht.
klachten
De eerste klachten zijn vaak pijn in de heup of knie, waardoor
men vaak mank gaat lopen. Het kan goed zijn dat er alleen pijn in de knie is,
ook al is de heup aangetast. Omdat de verschijnselen mild zijn en afwisselend
optreden of zelfs niet optreden, kan het moeilijk zijn vast te stellen wanneer
de ziekte is begonnen. Door een verminderde bloedtoevoer wordt bot afgebroken.
Bot herstelt zich, doordat er nieuwe bloedvaten worden gevormd en nieuw bot
wordt aangemaakt. Dit kost tijd en daarom kan de stand van de heup kan pas worden
beoordeeld wanneer een kind uitgegroeid is.
diagnose
De diagnose wordt gesteld op grond van een lichamelijk onderzoek
en een aantal tests en een röntgenfoto. Soms wordt verder onderzoek worden
uitgevoerd zoals een echografie of MRI.
behandeling
Het belangrijkste is het bewaken van de heupkop, want deze
mag niet te veel uit de kom gaan steken. In 50% van de gevallen wordt zonder
verder ingrijpen een goed eindresultaat bereikt. Zonodig kan de kop recht gehouden
worden door operatief een extra dakje in de pan aan te brengen (pandakplastiek)
of door een botwigje onder het heupgewricht te verwijderen. Verder zijn er nog
andere operaties aan de bekkenzijde van het gewricht, waarbij de stand van de
kom wordt veranderd. Hierbij treedt echter een ongewenste drukverhoging op de
kop op en bovendien is er minder correctie mogelijk. Deze ingreep wordt minder
vaak toegepast.
Bij een minder ernstige vorm van de ziekte bestaat de behandeling uit bedrust
en pijnstilling. Zodra de pijn is afgenomen, zijn regelmatige oefeningen nodig
om het heupgewricht soepel te houden. Of een operatie zinvol is saat ter discussie,
vooral bij jongere kinderen. Het valt moeilijk te bewijzen dat een operatie
nuttig zal zijn. Voor patiënten met een ernstiger vorm kan een operatie
de beste optie zijn.
Slijtage, als gevolg van misvorming, treedt vaak pas op latere leeftijd (rond
het 50e levensjaar) op, in dat geval kan een heupprothese geplaatst worden.
Zie voor meer informatie over de Ziekte van Perthes de site
van A. Vosmaer, orthopaedisch chirurg.
bron: samengesteld uit diverse medische informatie & literatuur