Hierbij
wordt via een paar kleine gaatjes een camera in de heup gebracht en kan het
gewricht grondig geïnspecteerd worden. Losliggende stukjes kraakbeen kunnen
weggespoeld worden en kraakbeenletsels kunnen 'bijgewerkt' worden.
Bij de dysplastische heup is het labrum, een kraakbeenstructuur
die op de rand van het acetabulum zit en de kom eigenlijk een extra diepte geeft,
vaak uitgerokken en gescheurd. Het probeert de heupkop meer te bedekken en in
de kom te houden.
Het herstellen van het labrum is niet van toepassing bij dysplastische
heupen, een osteotomie is dan meer waarschijnlijk.